Terug
Nunspeet

Transformatie Learning Lab TU Delft

©

Er is een reële kans op temperatuurgelaagdheid en tochtverschijnselen bij een hoge open ruimte met verschillende werkniveaus. Dit betekent dat het op de begane grond kouder kan worden dan op het hoogste vloerniveau. Om dit probleem te voorkomen is gekozen om het ventilatiesysteem van het Learning Lab te regelen met de optimalisatiesoftware Climotion®. Het Climotion®-principe zorgt voor een goede menging van de ruimtelucht, waardoor er geen temperatuurgelaagdheid ontstaat. Daardoor worden tochtverschijnselen en koude gebieden voorkomen, zodat de gebruikers een hoog comfort ervaren. Verdere pluspunten zijn de energiebesparing van zo’n 30% en het hergebruik van delen van het bestaande ventilatiesysteem.

Bij de transformatie van het Learning Lab zijn bouwkundige voorzieningen gerealiseerd en de E-, W- en regeltechnische installaties aangepast en uitgebreid. Voor de regelapparatuur is gebruik gemaakt van Climotion®. Een belangrijke voorwaarde was, dat de Climotion®-regeltechniek functioneel gekoppeld kon worden aan het bestaande gebouwbeheersysteem van derden.

Een groot voordeel van Climotion® was, dat de bestaande kanalen van de toevoerventilatie zijn hergebruikt. Voor de uitblaas zijn wel nieuwe kanaalroosters geïnstalleerd met een relatief lage uitblaassnelheid (<2 m/s).

In de kantorenstrook aan de zuidoostzijde is in een nieuw luchtdistributiesysteem voorzien, welke is aangesloten op het ronde, verticale toevoerkanaal uit de kelder. Elke ruimte heeft een naverwarmer, een luchtklep, een geluiddemper en inblaasroosters. Ook deze roosters hebben een relatief lage uitblaassnelheid (<2 m/s). De overstroom naar de centrale ruimte geschiedt met behulp van geluiddempers met een lage luchtweerstand (max. 2 Pa). Bij de selectie is rekening gehouden met dempingswaarden tussen de ruimten t.b.v. eisen aangaande geluidsisolatie.

De ventilatie kent de volgende toestanden:

  • Zone temperatuur regeling: De zoneregeling wordt ingeschakeld bij dagbedrijf. De zoneregeling heeft een toevoerluchtklep en naverwarmer, deze worden modulerend door de regeling aangestuurd op basis van de ruimtetemperatuur en de CO2-concentratie. In de ruimte kan de temperatuur met +/-2K versteld worden.
     
  • Zone luchtkwaliteit regeling: Bij luchtkwaliteitsvraag wordt er tussen de ingestelde luchtkwaliteitswaardes eerst de zone toevoerluchtklep geopend. Daarnaast wordt de buitenluchtklep van de LBK geopend en toevoerventilator wordt opgetoerd, waardoor de ruimtedruk toeneemt. Om dit te compenseren wordt de afblaasluchtklep van de LBK geopend en de afvoerventilator gestart.
     
  • Stralingspanelen Learning lab: De stralingspanelen van het Learning Lab worden als naverwarmers toegepast op de Climotion regeling. Wanneer het Learning Lab een instelbare tijd niet op temperatuur komt met zijn eigen naverwarmer worden de stralingspanelen aanvullend toegepast totdat de gewenst ruimtetemperatuur behaald wordt.